Waarom de keynote van Lisanne Buik meer was dan een verhaal over AI

Tussen mens en machine

Op 15 april 2026 stond Lisanne Buik in het Spoorwegmuseum in Utrecht voor een zaal vol professionals tijdens een evenement van Pegamento. Het had een keynote kunnen zijn zoals er zovelen worden gegeven over kunstmatige intelligentie: vol grafieken, toekomstscenario’s, tools, modellen en waarschuwingen over wat organisaties vooral niet mogen missen. Maar Buik koos een andere ingang. Haar verhaal ging niet in de eerste plaats over technologie. Het ging over mensen.

Over wat er gebeurt als technologische ontwikkelingen zo snel gaan dat organisaties nauwelijks nog tijd nemen om stil te staan bij de richting. Over de vraag hoe je AI niet alleen onder controle houdt met regels en toezicht, maar vooral hoe je voorkomt dat je de verkeerde dingen bouwt. En over een ongemakkelijke, maar noodzakelijke gedachte: dat de belangrijkste AI-vraag van dit moment misschien niet is wat de machine kan, maar wat de mens nog wil blijven doen.

Dat maakte haar keynote in Utrecht tot meer dan een technisch betoog. Het werd een verhaal over de spanning van deze tijd: tussen snelheid en bezinning, tussen efficiëntie en menselijkheid, tussen automatisering en verantwoordelijkheid.

Een zaal vol nieuwsgierigheid en onderhuids ook onrust

De aantrekkingskracht van AI is groot. Organisaties willen bijblijven, medewerkers willen snappen wat er verandert, bestuurders zoeken naar kansen zonder de grip te verliezen. Die mix van nieuwsgierigheid en nervositeit hing ook boven de bijeenkomst in het Spoorwegmuseum. Niet als openlijke paniek, maar als een herkenbaar gevoel dat in veel organisaties onder de oppervlakte leeft.

Buik gaf daar woorden aan. Ze schetste hoe overweldigend het AI-tempo inmiddels is geworden. Nieuwe modellen volgen elkaar in rap tempo op. Nieuwe tools verschijnen bijna dagelijks. Mogelijkheden stapelen zich op, terwijl de ethische vragen minstens zo snel toenemen. Het vraagt veel van mensen om dat allemaal niet alleen te volgen, maar ook meteen te vertalen naar beleid, processen en concrete keuzes.

Dat gevoel van overrompeling was geen bijzaak in haar verhaal, maar een belangrijk vertrekpunt. Want juist wanneer organisaties zich laten leiden door haast, ontstaat het risico dat reflectie wordt ingeruild voor implementatie. Dan wint de vraag “hoe snel kunnen we dit inzetten?” het van de vraag “waarom doen we dit eigenlijk en voor wie?”

Niet méér controle achteraf, maar betere vragen vooraf

In de kern draaide Buiks keynote om een eenvoudige maar fundamentele verschuiving in denken. Veel discussies over AI gaan over regulering, compliance en toezicht. Dat is logisch, want waar nieuwe technologie verschijnt, volgen vroeg of laat regels. Maar volgens Buik ligt de grotere opgave eerder in het proces.

Niet alleen controleren wat al gebouwd is, maar vóór die tijd betere vragen stellen.

Dat klinkt misschien vanzelfsprekend, maar in de praktijk gebeurt vaak het omgekeerde. Organisaties experimenteren, rollen tools uit, koppelen systemen aan bestaande processen en proberen daarna de risico’s af te dekken. Ethiek en governance volgen dan op de implementatie, terwijl ze volgens Buik al in het ontwerp verankerd zouden moeten zijn.

Die gedachte gaf haar keynote een andere toon dan de gebruikelijke AI-verhalen. Ze sprak niet vanuit doemdenken, maar vanuit ontwerpdenken. Niet vanuit het idee dat technologie moet worden afgeremd, maar vanuit de overtuiging dat vooruitgang pas echt waardevol is als die bewust wordt vormgegeven.

Van Deep Blue tot ChatGPT: een geschiedenis van verwondering en ongemak

Om te laten zien dat deze vragen niet uit de lucht komen vallen, plaatste Buik de huidige AI-golf in een bredere historische context. Ze verwees naar het moment in 1997 waarop schaakkampioen Garry Kasparov verloor van IBM’s Deep Blue, een symbolisch omslagpunt dat liet zien dat een machine op een specifiek domein beter kon presteren dan een mens.

Wat die beelden volgens haar nog altijd zo fascinerend maakt, is niet alleen de wedstrijd zelf, maar vooral de reactie van de mensen eromheen. Het ongeloof. De verwarring. De stille vraag die daar al in besloten lag: als de computer dit kan, wat betekent dat dan voor ons?

Diezelfde vraag keerde, in veel bredere vorm, terug met de opkomst van generatieve AI. Het moment waarop ChatGPT voor veel mensen zichtbaar maakte dat AI niet langer een abstract onderzoeksveld was, maar een praktische, toegankelijke technologie. Ineens kon iedereen ermee schrijven, samenvatten, brainstormen, vertalen, analyseren. Niet perfect, maar wel goed genoeg om werkprocessen merkbaar te veranderen.

Volgens Buik begon daar voor veel organisaties de echte versnelling. Niet alleen technologisch, maar ook cultureel. Want vanaf dat moment werd AI geen onderwerp meer voor een klein team van experts, maar een factor in vrijwel elk gesprek over werk, klantcontact, innovatie en concurrentiekracht.

AI is niet langer ergens, het is overal tegelijk

Een van de sterkste lijnen in de keynote was Buiks uitleg van vier grote verschuivingen die volgens haar onder de huidige AI-golf liggen. Die ontwikkelingen maakten haar verhaal concreet en hielpen verklaren waarom het onderwerp nu zo veel impact heeft.

De eerste verschuiving: AI gaat van ergens naar overal.

Waar veel mensen AI nog associëren met een chatvenster of een slimme assistent op een scherm, ziet Buik dat de technologie zich razendsnel verspreidt naar allerlei vormen en interfaces. Niet alleen in software, maar ook in brillen, microfoons, spraakgestuurde toepassingen en apps die steeds dichter op het dagelijks leven zitten.

Dat betekent dat AI niet meer iets is waar je actief naartoe gaat. Het komt steeds vaker naar jou toe. Het luistert mee, helpt mee, denkt mee, organiseert mee. Voor gebruikers kan dat handig zijn. Maar het maakt de technologie ook indringender. Zodra AI dichter op gesprekken, keuzes en relaties komt te zitten, worden vragen over privacy, transparantie en menselijke grenzen veel tastbaarder.

Juist daarin zat de spanning die Buik voelbaar maakte. Niet alleen: wat kan deze techniek? Maar ook: wat doet het met onze manier van leven, werken en omgaan met elkaar?

Van af en toe gebruiken naar een systeem dat altijd doorwerkt

De tweede verschuiving die Buik beschreef, is dat AI van soms naar altijd gaat.

Mensen hebben rust nodig. Organisaties kennen werktijden, vergaderstructuren en afwegingen. AI-systemen kennen dat allemaal niet. Zij kunnen in principe continu werken, taken oppakken, stappen doorlopen en processen uitvoeren, ook als niemand toekijkt. Dat maakt veel toepassingen aantrekkelijk: rapportages genereren, data analyseren, workflows versnellen, repetitief werk overnemen.

Maar volgens Buik verandert daarmee ook de aard van het risico. Het gaat niet langer alleen om een losse prompt of een eenmalige output, maar om systemen die steeds zelfstandiger kunnen handelen binnen een proces. Dat vraagt om nieuwe vormen van begrenzing. Hoeveel vrijheid krijgt zo’n systeem? Welke beslissingen mag het zelf nemen? Wanneer moet een mens kunnen ingrijpen? En wie is verantwoordelijk als het misgaat?

Dat zijn vragen die in veel organisaties nog onvoldoende zijn uitgewerkt, juist omdat de verleiding groot is om vooral te kijken naar de productiviteitswinst. Maar hoe groter de autonomie van een systeem, hoe belangrijker de ontwerpkeuzes worden die daaraan voorafgaan.

Ook de fysieke wereld komt in beeld

De derde ontwikkeling die Buik benoemde, was de beweging van AI van digitaal naar fysiek. Robotisering is volgens haar geen verre toekomstmuziek meer, zeker niet in industriële omgevingen. Naarmate motoriek, sensortechnologie en AI-sturing verfijnder worden, zal de impact van kunstmatige intelligentie zich ook steeds zichtbaarder buiten het scherm afspelen.

Dat vooruitzicht roept meteen een ander soort reacties op. Niet alleen vragen over efficiëntie, maar ook over nabijheid, acceptatie en verlies. Wat gebeurt er als taken in de fysieke wereld verdwijnen? Hoe voelt het als robots niet alleen in fabrieken staan, maar op termijn ook in huishoudens of zorgomgevingen opduiken? Welke vormen van menselijke aanwezigheid zijn vervangbaar en welke juist niet?

Buik behandelde die vragen niet als sciencefiction, maar als serieuze vooraankondiging van een debat dat nog volop moet worden gevoerd. Juist omdat technologie steeds concreter wordt, wordt ook de menselijke reactie erop concreter.

Iedereen wordt maker en dat is tegelijk hoopvol en riskant

De vierde verschuiving raakte aan iets wat voor veel organisaties heel herkenbaar is: AI gaat van iemand naar iedereen.

Waar programmeren lang het terrein was van specialisten, kunnen inmiddels veel meer mensen met behulp van AI toepassingen bouwen, automatiseren en combineren. Dat opent deuren. Niet-technische professionals kunnen sneller ideeën uitproberen en processen verbeteren. De afstand tussen idee en uitvoering wordt kleiner.

Buik zag daarin ook iets hoopvols: creativiteit en initiatief worden breder toegankelijk. Maar tegelijk maakt die ontwikkeling organisaties kwetsbaar. Want zodra veel meer mensen iets kunnen bouwen, ontstaat ook het risico dat toepassingen live gaan zonder voldoende veiligheid, toetsing of reflectie.

Dat is een van de paradoxen van deze tijd. AI democratiseert innovatie, maar maakt governance moeilijker. Juist omdat de technologie laagdrempeliger wordt, stijgt de noodzaak om heldere waarden en kaders te formuleren.

Achter de technologie schuilt een mensbeeld

Misschien wel het meest gelaagde deel van Buiks keynote was het filosofische middenstuk. Daar stelde zij de vraag wat er eigenlijk onder onze omgang met AI ligt. Want wie spreekt over efficiëntie, vervanging en optimalisatie, spreekt uiteindelijk ook over de mens, al wordt dat niet altijd hardop gezegd.

Buik zette twee wereldbeelden tegenover elkaar.

In het eerste wereldbeeld is de mens in essentie een biologische machine: slim, complex, maar uiteindelijk verklaarbaar en optimaliseerbaar. Vanuit die blik is het logisch om AI te zien als iets dat menselijke taken kan overnemen zodra het voldoende krachtig is. De machine wordt dan de concurrent. De mens is tijdelijk nog nodig, maar niet principieel onmisbaar.

Daartegenover plaatste zij een relationeler mensbeeld, dat zij verbond aan de filosofie van Ubuntu: ik besta in relatie tot anderen. De mens is daarin niet alleen een rekeneenheid of productiemiddel, maar een sociaal, moreel en creatief wezen. Iemand die betekenis ontleent aan context, samenwerking, oordeel en verbondenheid.

Dat verschil is meer dan een intellectuele nuance. Volgens Buik bepaalt het hoe organisaties AI ontwerpen. Wie de mens ziet als vervangbaar, zal technologie anders inzetten dan wie de mens beschouwt als moreel en relationeel ankerpunt. Daarmee werd haar keynote ook een oproep om eerlijk te zijn over de aannames achter AI-strategie.

Wat organisaties vaak te laat ontdekken

Een belangrijk deel van het verhaal draaide om voorbeelden van situaties waarin AI of algoritmische systemen ontspoorden. Niet om te choqueren, maar om te laten zien hoe vaak de kern van het probleem terug te voeren is op te laat gestelde vragen.

Buik noemde onder meer een chatbot die was ontwikkeld om mensen met een eetstoornis te begeleiden, maar in de praktijk adviezen gaf die juist schadelijk uitpakten. Wat daar misging, was niet alleen een technische fout, maar ook een ontwerpkeuze. Blijkbaar was niet diep genoeg doordacht wat “behulpzaam” betekent in een kwetsbare context.

Ook voorbeelden van discriminatie, uitsluiting en gebrekkige controle kwamen langs. In zulke casussen werkt AI niet neutraal. Het versterkt aannames, reproduceert patronen en kan beslissingen legitimeren die voor betrokkenen grote gevolgen hebben. Wanneer niemand tijdig ingrijpt, kan schade zich bovendien opstapelen.

Die voorbeelden lieten zien dat ethiek in AI niet iets abstracts is voor beleidsnotities of conferentiezalen. Het gaat over echte mensen, echte fouten en echte gevolgen. Over klanten die onterecht worden uitgesloten. Over burgers die verkeerd worden beoordeeld. Over medewerkers die hun werk anders moeten doen zonder dat duidelijk is wat hun nieuwe rol nog is.

De vraag die alles verandert: vervangen of ondersteunen?

Onder veel voorbeelden uit de keynote lag één terugkerende spanning: is AI bedoeld om mensen te vervangen of om hen te ondersteunen?

Buik maakte dat tastbaar met het voorbeeld van organisaties die AI eerst omarmen als middel om grote groepen medewerkers overbodig te maken, om later te ontdekken dat menselijke kwaliteit niet zomaar in een systeem te vangen is. In klantcontact, besluitvorming en begeleiding blijkt vaak juist dat nuance, context en empathie niet eenvoudig verdwijnen uit het proces zonder dat ook de kwaliteit afneemt.

Daarmee pleitte zij niet voor romantisering van menselijke arbeid of afwijzing van automatisering. Wel voor scherpte. Want wie niet expliciet vastlegt welke rol de mens houdt, loopt het risico dat efficiëntielogica vanzelf de boventoon voert. Dan sluipt vervanging het proces binnen zonder dat daar een volwassen gesprek over is gevoerd.

Volgens Buik hoort de mens “in the lead” te blijven waar oordeel, verantwoordelijkheid en relationele afweging essentieel zijn. Niet omdat machines niets kunnen, maar omdat niet alles wat telt, in output of snelheid te vangen is.

Van compliance naar ethiek als ontwerpkracht

Tijdens haar keynote werkte Buik ook een groeipad uit voor organisaties. Dat maakte haar verhaal praktisch en relevant voor de aanwezigen in Utrecht, van wie velen bezig zijn met digitalisering, klantcontact, dienstverlening en innovatie.

Helemaal onderaan dat pad staat de fase die zij typeerde als het wilde westen: tools worden ad hoc ingevoerd, experimenten volgen elkaar op, snelheid is belangrijker dan reflectie. Daarna komt de fase van compliance, waarin organisaties beleid, regels en basiscontrole optuigen om aan wet- en regelgeving te voldoen.

Maar volgens Buik is dat nog niet het eindpunt. De volgende stap is strategische volwassenheid: AI wordt dan niet alleen toegestaan of begrensd, maar bewust ingericht op schaalbaarheid, controleerbaarheid en consistentie. Pas daarna komt de fase waar zij echt naartoe wil: ethisch by design.

In die benadering zijn waarden niet langer een correctie achteraf, maar een ontwerpprincipe. Je vraagt niet pas na livegang of iets eerlijk, verantwoord of mensgericht is. Je neemt die vragen mee vanaf de eerste ontwerpkeuzes.

Dat idee sloot direct aan op de samenwerking die zij noemde met Pegamento. Het ging daarbij om de ambitie om AI niet alleen technisch en juridisch te benaderen, maar ook organisatorisch en ethisch volwassener te maken.

Een framework dat begint bij de juiste vragen

Buik presenteerde daarvoor een framework met vijf centrale invalshoeken: generativity, resonance, agency, connectivity en embodiment. Achter die termen schuilt een poging om organisaties systematisch te laten nadenken over de mens-AI-relatie.

Bij generativity draait het om de vraag welk doel een toepassing werkelijk dient en welke waarde die op langere termijn creëert. Is het alleen een instrument voor snelle winst, of draagt het daadwerkelijk bij aan betere dienstverlening, betere samenwerking of een gezondere organisatie?

Resonance gaat over aansluiting bij de gebruiker. Past de toepassing bij de leefwereld van de mensen die ermee te maken krijgen? Werkt het systeem eerlijk en betekenisvol voor verschillende groepen, of bevoordeelt het bepaalde typen gebruikers terwijl anderen worden benadeeld?

Agency draait om regie. Hoeveel controle houdt de mens? Wanneer blijft menselijke tussenkomst noodzakelijk? En waar ligt de grens tussen ondersteuning en vervanging?

Connectivity kijkt naar samenwerking en verbinding. Versterkt de technologie menselijke relaties, toegankelijkheid en contact? Of ontstaat juist afstand, uitsluiting of nieuwe silo’s?

Embodiment tenslotte gaat over evaluatie, leren en doorontwikkeling. Is er structureel toezicht? Wordt er actief geleerd van fouten? En blijft een systeem in beweging, of wordt het na ingebruikname aan zijn lot overgelaten?

Wat Buiks aanpak sterk maakte, was dat zij deze vragen niet als theoretisch model presenteerde, maar als hulpmiddel voor echte ontwerpbeslissingen. Ethiek werd daarmee minder vaag en meer werkbaar.

Een moment van stilte in een verhaal over snelheid

Misschien wel het meest menselijke moment van de keynote kwam toen Buik de zaal vroeg om even de ogen te sluiten. Geen theatrale geste, maar een korte uitnodiging tot bezinning. Wat blijft er, na alle voorbeelden en toekomstscenario’s, hangen als iets dat echt belangrijk is? Welke zorg, welk ongemak of welke blinde vlek krijgt in de eigen organisatie nog te weinig aandacht?

Het was een klein moment, maar veelzeggend. Juist in een verhaal over technologie, snelheid en ontwerp maakte zij ruimte voor vertraging. Alsof zij wilde laten zien dat volwassen omgaan met AI niet alleen begint met kennis, maar ook met aandacht. Met de bereidheid om ongemak niet direct weg te drukken, maar serieus te nemen.

Dat moment paste bij de bredere ondertoon van haar keynote. Dit ging niet over het afremmen van innovatie uit angst, maar over het terugwinnen van morele ruimte in een tijd waarin technologische logica vaak alles dreigt te domineren.

Een hoopvol verhaal, juist omdat het niet naïef is

Opvallend genoeg eindigde Buik niet somber. Hoewel haar keynote vol risico’s, dilemma’s en misstanden zat, was de toon niet cynisch. Ze schetste juist een toekomst waarin AI veel goeds kan brengen, mits mensen de leiding niet uit handen geven.

Ze sprak over mogelijkheden om werk anders in te richten, om onderwijs persoonlijker te maken, om creativiteit te vergroten en om innovaties te versnellen die bijdragen aan een duurzamere en rijkere samenleving. Niet als vaststaand toekomstbeeld, maar als richting. Een kans die alleen werkelijkheid wordt als organisaties bereid zijn moeilijke vragen te stellen, grenzen te trekken en waarden serieus te nemen.

Dat gaf haar verhaal iets menselijks en geloofwaardigs. Geen blind optimisme, maar een hoop die voortkomt uit verantwoordelijkheid. Niet: AI lost het wel op. Maar: we kunnen er iets goeds van maken, als we het bewust ontwerpen.

Wat van deze keynote blijft hangen

De keynote van Lisanne Buik op 15 april 2026 in het Spoorwegmuseum in Utrecht was daarmee in wezen een pleidooi voor volwassenheid. Niet technologisch volwassen in de zin van méér implementaties, méér tools of méér automatisering, maar moreel en organisatorisch volwassen.

Haar verhaal maakte duidelijk dat de AI-vraag van deze tijd niet alleen gaat over innovatie, maar over richting. Over leiderschap. Over de verhouding tussen mens en machine. Over de moed om niet alleen te vragen wat er kan, maar ook wat wenselijk is.

Dat is misschien precies waarom haar verhaal bleef hangen. Omdat het midden in alle snelheid een eenvoudig, maar urgent principe terugbracht: technologie verdient pas vertrouwen wanneer mensen vooraf bereid zijn de juiste vragen te stellen.

En misschien was dat, op die aprilmiddag in Utrecht, wel de meest waardevolle boodschap van allemaal. Niet dat de toekomst al vastligt, maar dat zij nog ontworpen kan worden, zolang de mens niet vergeet dat hij zelf nog altijd aan het roer hoort te staan.

Pegamento en het GRACE-framework

Pegamento ziet het GRACE-framework als een waardevolle route naar volwassen AI-gebruik. Niet als theoretisch model, maar als praktisch kompas voor organisaties die AI willen inzetten zonder de menselijke maat uit het oog te verliezen. Door deze benadering te omarmen, onderstreept Pegamento dat verantwoord AI-gebruik begint bij ontwerp, leiderschap en de juiste vragen vooraf.

Benieuwd hoe dit framework in de praktijk werkt en wat het voor jouw organisatie kan betekenen? Neem dan contact op met Pegamento voor een verdiepend gesprek over ethisch en strategisch AI-ontwerp.

Meer blogs

Download hier de whitepaper

Verdiep je kennis met de whitepapers van Pegamento.

Joost Schaap-Account manager Pegamento

Joost Schaap

Senoir Account Manager

Als een klant contact opneemt met een organisatie omdat deze een klacht heeft dan is het cruciaal dat de medewerker van de organisatie begint met goed te luisteren. Wat betekent deze klacht voor de klant en ook voor de eigen organisatie? Hoe is deze klacht op te lossen? Nadat er goed geluisterd is heeft de medewerker de juiste informatie nodig zodat er een oplossing kan worden geboden.

Dit stuk is geschreven door Joost Schaap, werkzaam als Account Manager bij Pegamento.

Tim Treurniet-AI-developer Pegamento

Tim Treurniet

Designer of Intelligent Systems

Echte jeugdhelden heb ik nooit gehad. Maar achteraf gezien, geloof ik dat figuren als Willie Wortel of Dexter’s lab misschien wel invloed op mij hebben gehad. Ik krijg energie van het echt zelf maken van innovatieve en nuttige producten. Niets zo leuk als het effect zien van een project waarmee een saaie taak geautomatiseerd is, of een complex proces opeens toegankelijk geworden is.

Een mooi bruggetje naar mijn foto is het fysieke aspect van mijn werk. Door te werken met beeldherkenning ben ik vaak heel direct verbonden met de fysieke wereld en is mijn werk meer dan enkel programmeren. Onze beeldherkenningssoftware waarborgt bijvoorbeeld de veiligheid op bruggen, volgt spelers op een voetbalveld of gebruikt je eigen smartphone om jezelf accuraat te meten. Deze combinatie tussen fysiek en digitaal zorgt voor variatie en extra uitdaging. Voor mij zijn dit de belangrijkste redenen voor mijn interesse en enthousiasme in wat ik doe!

Dit stuk is geschreven door Tim Treurniet, werkzaam Designer of intelligent systems bij Pegamento.

Vera van der Plas-UI-UX designer

Vera van der Plas

UI/UX Designer

Als UX/UI designer houd ik mij dagelijks bezig met het omzetten van complexe data naar gebruiksvriendelijke visualisaties. Dit alles afgetopt met een digitaal likje verf wat de aandacht van de bezoeker moet trekken om in actie te komen.

Eén van de interessante kanten van dit vakgebied vind ik de effecten die kleine aanpassingen, zowel tekstueel als visueel, kunnen hebben op de conversie. De psychologische impact die een simpele achtergrondkleur van een CTA-knop heeft op ons gedrag is groot. Die kleur kan namelijk bepalen of jij dat product wel of niet gaat kopen.

Wat wij zien en hoe onze hersenen deze informatie verwerken en interpreteren fascineert mij. De mogelijkheden om potentiële klanten onbewust te wijzen in de door jouw gekozen richting zijn eindeloos. 
Ik hoop mijn expertise in de toekomst vaker toe te passen binnen onze oplossingen.

Dit stuk is geschreven door Vera van der Plas, werkzaam als UX/UI Designer bij Pegamento.

Fouad Rahaoui-Finance Pegamento

Fouad Rahaoui

Financial Controller

Een Financial Controller moet binnen een bedrijf niet alleen een expert zijn op het gebied van Finance. Je moet ook kennis hebben van de laatste IT-ontwikkelingen. Want die gaan ook in de wereld van Finance heel erg snel.

Bij Pegamento kan ik alles leren over de laatste IT-ontwikkelingen. Zoals de laatste ontwikkeling op het gebied van Machine learning and deep learning.

Via deze toepassingsgebieden kan ik als Financial Controller de financiële bedrijfsprocessen binnen Pegamento verder automatiseren en verbeteringen doorvoeren voor de automatische verwerking van financiële gegevens.

Dit stuk is geschreven door Fouad Rahaoui, werkzaam als Financial Controller bij Pegamento.

Ernst Vegter-Business consultant Pegamento

Ernst Vegter

Business Consultant

Gastheerschap is één van mijn diepste drijfveren.
Niet zo gek natuurlijk dat klantenservice een rode draad in mijn carrière is. Aspecten van gastheerschap is in staat zijn te verbinden, te faciliteren maar voornamelijk iemand oprecht welkom te laten voelen. Mijn intuïtie is daarin mijn grootste goed om mezelf te kunnen verplaatsen in het momentum en beleving van een gast. Een klant is mijn gast.

Gevoed door diverse zintuigen vormt zich een beeld rondom de klant. Ik luister naar wat er gezegd wordt, kijk naar mimiek, proef de onderliggende toon en krijg een gevoel bij de aan te pakken uitdaging. Er vormt zich een beeld dat letterlijk op mijn netvlies komt. Ik moet het kunnen zien. Als ik het zie kan ik het maken.

Het is daarin de kunst om eenvoud na te streven, de klant een warm gevoel te geven dat het probleem is begrepen, goed advies ontvangt, gefaciliteerd en zorgvuldig wordt begeleid naar de oplossing. Vertrouwen, verbinden en ontzorgen.

Het gevoel als een gast na een lange vermoeiende reis bij jouw hotel aankomt, voor de openhaard kan zitten, een goed glas wijn krijgt aangereikt en zorgeloos naar het vuur kan staren. Mijn gast weet dat het goed komt.

Dit stuk is geschreven door Ernst Vegter, werkzaam als Business Consultant bij Pegamento.

Gunisch-AI-developer Pegamento

Gunish Alag

AI Developer

A picture is worth a thousand words, is an expression most of us have heard. We see a lot of things around us on a daily basis and subconciously have the ability to recognize and understand them. This ability of humans to me seem bizarre.

As a computer vision developer at Pegamento that is what I do, break down complex problems and turn them into solutions using images by meticulously extracting useful data.
With the world moving forward and new technologies emerging, complicated problems which were difficult to solve a decade earlier suddenly seem possible and viable. The future is full of new challenges and I look forward to them.

This story is written by Gunish, working as an AI developer at Pegamento.

Ewold Jansen-Service engineer Pegamento

Ewold Jansen

Service & Support Engineer

Het aanhoren van wensen die een klant heeft of de problemen waar een klant tegenaan loopt is belangrijk om ze vervolgens goed te kunnen helpen. In beide gevallen denk ik mee naar de juiste oplossing.

Als de klant met een wens naar ons toekomt weten ze niet wat alle mogelijkheden zijn. In deze adviseer ik ze om de juiste keuzes te maken. Bij problemen is het aanhoren ervan van belang. Een probleem ontstaat bijvoorbeeld door een verkeerde handeling. Door hierin goed te communiceren kunnen veel problemen snel opgelost worden door het goed uit te leggen. Door slechte communicatie kan een klein probleem heel groot worden.

Dit stuk is geschreven door Ewold Jansen, werkzaam als Service & Support Engineer bij Pegamento.

Andre Glasbergen-Scrum master Pegamento

Andre Glasbergen

Scrum Master

Na het afronden van mijn studie ben ik bij een jong Pegamento met heel veel ambitie en enthousiasme begonnen als ontwikkelaar. In de eerste jaren leerde ik alles over processen automatiseren, nu beter bekend als RPA. Vaak heb ik mijn hersenen moet laten kraken om de werkinstructie om te zetten naar een logische functie, met niet al te veel If-statements, zodat de robot het werk kon uitvoeren.

Ik ontwikkelde door en ging als consultant aan het werk. Goed luisteren naar de klant en ondersteunen in de pre-sales fase van projecten. Het uitvoeren van projecten en luisteren lag mij erg goed. Het was een kleine, maar logische, stap om nu als Scrum Master en Projectmanager aan de slag te zijn. Ik begeleid nu al een paar jaar projecten. Zoals RPA, Cloudapplicaties en AI, volgens the Human lead agile aanpak, We bouwen dit met een groot team van specialisten.

Dit stuk is geschreven door André Glasbergen, werkzaam als Scrum Master bij Pegamento.

Ensar Ari-IT-engineer Pegamento

Ensar Ari

IT Engineer

Goede communicatie tussen klant en organisatie is erg belangrijk. Als organisatie wil je natuurlijk goed bereikbaar zijn voor je klanten. Hetzij via Social Media kanalen of via de oude vertrouwde telefoon. Vaak weten organisaties niet precies hoe zij hun telefoonlijn ingeregeld willen hebben. Daarom help ik ze graag met meedenken en breng ik ze zo op ideeën. Ik geloof dat er voor elk probleem wel een oplossing te vinden is. Alleen heb je soms iemand nodig die net even wat anders naar de situatie kijkt.

Dit stuk is geschreven door Ensar Ari, werkzaam als IT Engineer bij Pegamento.

Nini Heerings-Chief Happiness Officer Pegamento

Nini Heerings

Chief Happiness Officer

“Je leert iemand beter kennen door een uur spelen dan door een jaar praten.”

Deze quote van Plato is helemaal raak voor mij. Daarom verbind ik mensen graag spelenderwijs met elkaar. Want tijdens het spelen sta je helemaal aan, al je zintuigen aan het werk.
In mijn geweldige rol als Chief Happiness Officer wil ik dat doen door collega’s in verbinding met elkaar en met de organisatie te brengen. Op een creatieve en speelse manier, passend bij Pegamento.

Als ik niet aan het werk ben breng ik ook graag mensen in verbinding met elkaar. Dit doe ik door het organiseren van De Speeltuin, waarbij volwassenen spellen spelen die je vroeger op het schoolplein, in de gymzaal of op het buurtpleintje speelde. Het pure gevoel van plezier, totale ontspanning en geen gedachten aan iets anders dan het spelen. Dát gevoel is het doel.

Dit stuk is geschreven door Nini, werkzaam als Chief Happiness Officer bij Pegamento.

Ger Koedam-Communicatie & Marketing Pegamento

Ger Koedam

Marketing & Communicatie

Hoe kan ik je helpen? Dat is zo’n beetje de eerste vraag die ik stel als ik met mensen praat die nieuwsgierig zijn naar onze dienstverlening. In zo’n gesprek is de inzet van zintuigen erg belangrijk. Want niet iedereen is hetzelfde. De één denkt in beelden, terwijl voor een ander juist woorden van belang zijn of hoe iets aanvoelt. Voor mij zijn gezichtsvermogen en gehoor de mooiste zintuigen, omdat zowel ogen als oren informatie opnemen en emoties kunnen overbrengen of verwerken.

Waarom gehoor? Omdat luisteren essentieel is bij contact. En het is de sleutel tot het ontgrendelen van waardevolle inzichten.

Deze vaardigheid heb ik al vroeg ontwikkeld. Als kind genoot ik van hoorspelen op de radio, waarbij ik de verhalen in mijn hoofd tot leven bracht. 

Pim Ritmijer-Software developer Pegamento

Pim Ritmeijer

Software Developer

Programmeren is meer dan alleen ‘code kloppen’. Voor mij is luisteren naar wat de klant wil en dat in beeld brengen een belangrijk gedeelte van het software ontwikkelen.

Actief luisteren naar een klant om het volledige verhaal van de klant te begrijpen is cruciaal voordat er een oplossing gebouwd wordt. Wanneer je het verhaal van een klant begrijpt kan je samen nadenken over een oplossing die de klant echt helpt.

Het visualiseren van oplossingen is de volgende stap voor mij. Wat wordt de route die we gaan beklimmen om naar een oplossing te komen? Welke uitdagingen gaan we tegen komen om naar de top te gaan?

Net als bij klimmen is een goede voorbereiding waardevol. Ondanks dat je niet op alles kan voorbereiden helpt de voorbereiding om de applicatie zo goed mogelijk bij de wensen van de klant aan te laten sluiten.

Wat is programmeren toch een mooi en boeiend vak.

Dit stuk is geschreven door Pim Ritmeijer, werkzaam als Software Developer bij Pegamento.

Denise Verhoef-Software developer Pegamento

Denise Verhoef

Software Developer

Horen doe je als programmeur veel maar nadenken ook bijvoorbeeld als je de opdracht krijgt om een behoefte van de klant in elkaar te zetten. Als de klant graag een functie voor zijn applicatie wil hebben is het van belang dat je als programmeur goed gaat nadenken welke functies functioneel zijn en welke functies dat niet zijn. Op die manier zet je een zo goed mogelijk functionerende applicatie in elkaar en heeft de klant een goed eindproduct. Het omzetten van behoeften naar code tot functionaliteit vind ik interessant.

Momenteel loop ik stage bij Pegamento en volg ik de opleiding Software Developer. Zelf krijg ik veel informatie die je moet verwerken en toepassen. Het leuke hiervan is dat je weer nieuwe dingen kan leren maar ook dat je kunt ervaren hoe dat nou in het echte bedrijfsleven gaat. Vorig jaar ben ik begonnen met deze opleiding en wist ik vooraf nog niks van programmeren. Nu kan ik mijn eigen weg al een beetje vinden met programmeren en ik vind het dan ook leuk om er mee aan de slag te gaan. Dat je van een lege pagina tot een functionele applicatie kan komen door middel van code is gaaf!

Dit stuk is geschreven door Denise Verhoef, werkzaam als stagiaire Software Developer bij Pegamento.

Remco Pabst-Business consultant Pegamento

Remco Pabst

Computer Vision & AI Lead

Innovatieve software technologie inzetten voor mens of bedrijf om ‘dingen’ makkelijker en slimmer te maken is echt een drijfveer. Daarom spreekt de verbinding tussen de zintuigen me het meest aan. Onze hersenen verbinden de zintuigen net als een bedrijfsproces mens, systeem (data) en logica verbindt. Ze registreren en triggeren een actie, precies hoe het in een optimale workflow zou moeten gaan. Heel tof wat er tegenwoordig al mogelijk is als we daar ook nog eens heel veel rekenkracht aan toevoegen.

Horen betekent ook veel. Niet omdat ik iedere dag graag naar Jazz, Soul, Deep House of Focus-achtige muziek luister én goed moet kunnen luisteren om een wens of pijnpunt te interpreteren, maar meer omdat niet iedereen over alle zintuigen kan beschikken. Denk aan hem of haar met een visuele beperking. Dat we in nauwe samenwerking AI, TTS/STT technologie (wat nog volop in ontwikkeling is) mochten toepassen voor deze vaak ondermaats bediende groep mensen in de digitale wereld van nu en om daar de interactie en beleving mee te verbeteren geeft mij dan ook mega veel energie en betekenis aan wat ik met technologie probeer te doen; waarde creëren.

Dit stuk is geschreven door Remco, werkzaam als Business Consultant bij Pegamento.

Thomas de Wolf-Vision Engineer Pegamento

Thomas de Wolf

R&D Director

Toen ik ooit moest gaan kiezen welke studie ik ging doen, kon ik die keuze lastig maken. Ik had interesse in techniek, maar wat ik het liefste wilde doen was gewoon samen met een team werken aan een gezamenlijk doel.

Tot op de dag van vandaag is dat nog steeds wat ik het liefste doe. De techniek is beeldherkenning geworden en het team de computer vision afdeling van Pegamento. Logisch dus dat qua zintuig ik uitkom op ‘zien’. Door met onze beeldherkenning oplossingen dingen te zien in de echte wereld, lossen we met ons hele team relevante problemen op voor onze klanten. En door de variatie in klanten zijn de plekken waar onze oplossingen terecht komen nooit hetzelfde. Zo sta ik het ene moment in de controlekamer van een brug en de volgende dag aan een productielijn voor broodjes of tussen de hekken van een TBS kliniek.

Dit stuk is geschreven door Thomas de Wolf, werkzaam als Computer Vision & AI Lead bij Pegamento.

Rob Roode-Research Development

Rob Roode

Research & Development

Patronen herkennen en automatiseren. Taken waar we continu aan werken bij de implementatie van onze robots bij Pegamento. Mijn 2 Drentsche Patrijshonden zijn jachthonden en zeker geen robots. Het jachtinstinct en intuïtie zit in basis in de genen. Het blijven aanbieden van nieuwe trainingsvormen heeft ze geleerd om zelfstandig in de jacht situaties te herkennen en te handelen. Ook ‘unsupervised’, al ben ik niet in de buurt.

Maar als je een brein iets probeert aan te leren, gaat het ook zaken zien die je niet verwacht. Honden halen haarfijn de kleinste afwijking in je stem of aanwijzing. Dat gaan herkennen en weer corrigeren is misschien wel de meeste complexe uitdaging. Maar in ons werk levert dat voor de mooie opdrachtgevers voor wie we mogen werken vaak de mooiste nieuwe inzichten op!

Dit stuk is geschreven door Rob, oprichter van Pegamento en verantwoordelijk voor Marketing en R&D.

Serge Poppes-CEO Pegamento

Serge Poppes

CEO

Gevoel. Dat is het mooiste waar Pegamento voor staat. Gevoel voor techniek in de breedste zin van het woord. Niet alleen gevoel voor de spannende zaken zoals AI, maar ook voor de basis van communicatie.

Het allermooiste aan mijn werk is verkopen, luisteren, vertalen en meedenken aan wat er werkelijk toe doet. De digitale transformatie brengen wij met een mooi team aan!
De diversiteit van ons team, hoe scherp we zijn, maar vooral de prachtige zaken die we mogen maken geeft mij een extreem goed gevoel. Vandaar dat ik intuïtief voor het zintuig ‘gevoel’ heb gekozen.

Gevoel geeft leven en differentiatie!